Verhalen
Onderscheidingen bij de Vogelpiek
Met carnavalsvereniging de Vogelpiek in Vogelwaarde (Rapenburg) hebben we als Lamsoren altijd een goed contact gehad. Dit was ook al zo in de jaren zeventig. In het kader van carnavalsactiviteiten gaven we daar vaak ‘acte de présence’. Zo ook op een carnavalsavond bij Scheerders waarop bestuurslid Frans Amendt een heleboel onderscheidingen zou gaan uitreiken. Toen hij op de tonen van de Lamsoren het podium beklom keek hij al zorgelijk naar het kluwen van onderscheidingen die hij had meegekregen. Een van de Vogelpiekers had het een goed plan gevonden om alle onderscheidingen vast te maken aan een ketting. De ceremonie begon maar de onderscheidingen zaten zo vast dat Frans ze niet los kon krijgen. Ook een Lamsorendeuntje tussendoor gaf hem niet genoeg tijd om de medailles te ontwarren. Hulptroepen schoten het podium op maar het mocht niet baten. Het bleef een kluwen. Tijdens het geharrewar met de onderscheidingen viel tot overmaat van ramp een Vogelpieker van het podium. Na veel zuchten en steunen en het nodige gelach van het publiek moest het hoge woord eruit. We krijgen ze niet los. De uitreiking werd uitgesteld maar er werd die avond nog veel gelachen en gespeeld.
Telefooncel
De jaren tachtig waren voor de boerenkapel een mooie periode. We beschikten over jonge enthousiaste muzikanten en konden zodoende in de regio aardig meekomen. Een van de vele optredens bracht ons naar Kapellebrug. Dit dorp staat niet echt bekend om een grootse carnavalstraditie maar desondanks werd er een grootse avond georganiseerd. Wat nog wel eens gebeurde in die periode was dat de muzikanten van de Lamsoren een beetje melig werden. Zo ook op die zaterdagavond. Toen de boerenkapel een telefooncel passeerde riep er iemand: “Zouden wij daarin passen?” Deze vraag was genoeg om een de boel in gang te zetten. Eén voor één wrongen de boerenkapelleden zich in de telefooncel tot er werkelijk geen milimeter meer open was. Het geheel zag eruit alsof er een orkest - compleet met instrumenten - in een aquarium was gepropt. De avond was toen al geslaagd.
Wedstrijd bij de Vossen
Aan het eind van de jaren tachtig organiseerden de hulster Vossen een soort concertwedstrijd voor boerenkapellen. Daar konden wij als Lamsoren uiteraard niet ontbreken. Café De Ster, in carnavalstijd beter bekend als het Vossenhol, was goed gevuld met deelnemers en muziekliefhebbers. De kapellen mochten één voor één het minipodium bestijgen en hun kunstje doen. Dat deden ze dan ook allemaal. Het programma verliep netjes en geordend maar volgens ons Lamsoren was het allemaal wel erg braaf. Het idee vatte post om een beetje leven in de brouwerij te brengen. Toen de jury, in de persoon van mevrouw Van Hoye, ons het teken gaf om te beginnen waren we nog niet zover. Er moesten nog een paar muzikanten van achter uit de zaal worden opgetrommeld alvorens we enigszins compleet waren. Gefronste gezichten bij de jury. Op het moment dat we compleet waren besloten we dat het krappe podium ons te weinig ruimte bood. Ruim de helft van de muzikanten stond op de cafévloer voor het podium. En de eerste noten waren nauwelijks ingezet of we besloten door de zaal te gaan sjokken. Het publiek kwam los en er ontstond een ware carnavalssfeer. Er werd gehost en gezongen en het dak ging eraf. Volgens ons was dat wat een zichzelf respecterende boerenkapel moest doen. Dit was echter niet wat de jury zich bij de wedstrijd had voorgesteld. We kregen dan ook geen eerste prijs. Een belangrijk argument van de jury was dat we niet meteen op hun teken waren begonnen… Voor het publiek was er echter maar één winnaar.
Goedelandfeesten
De optredens tijdens de Goedelandfeesten waren gedenkwaardig. De tent op het terrein van de Petrus & Paulushoeve was altijd goed gevuld als er boerenkapelmuziek op het programma stond. Tijdens één van de eerste edities van deze feesten werd er een boerenkapellenwedstrijd georganiseerd. Vanuit de wijde omgeving stroomden boerenkapellen, blaaskapellen en dweilbandjes toe om te kunnen deelnemen. Als Lamsoren speelden we een thuiswedstrijd. De concurrentie was hevig maar we waren goed voorbereid. Toen we in onze nieuwe gele shirts het podium bestegen was de aanhang meteen enthousiast. We gaven alles wat we hadden. De sfeer was super. En dat is waar het op zo’n moment om gaat, dan is het leuk om te spelen. Dat het resultaat ook goed was – we wonnen de wedstrijd – was de kers op de taart. Later op de avond kwam als hoofdact de bekende dweilband ZOOI op de bühne. ZOOI was destijds op de top van haar populariteit en de avond kon niet meer stuk. De beker die we hadden gekregen voor onze overwinning is later beland bij Jan Kindt. Bij het carnavalsongfestival waaraan hij had meegedaan waren te weinig bekers. En voor Jan maakte het niet uit, als ie maar een beker kreeg.
Tegen de wind in
Tegenwoordig kunnen we het ons niet meer goed voorstellen maar vroeger was bestond er een soort rivaliteit tussen sommige boerenkapellen. Zo stonden de Lamsoren vaak net iets meer op scherp als Windkracht 9 in de buurt was. Nu zou dit niet erg geweest zijn als de gevoelige verhoudingen geleid hadden tot betere muzikale prestaties. Dit was echter niet het geval. Eerlijk is eerlijk. Als de concurrent in de buurt was werd er niet spontaan béter gespeeld, wel veel harder. We probeerden elkaar weg te blazen. Het gevolg hiervan was dat het niet zelden voorkwam dat De Lamsoren en Windkracht 9 tegen elkaar op stonden te spelen. Fraai was het allemaal niet. Zeker niet als dit gebeurde in een café, zoals bij Emerie de Nijs, waar de ruiten daverden in hun sponningen. Dit alles ligt inmiddels ver achter ons. De verhoudingen tussen de Lamsoren en andere boerenkapellen zijn nu prima. En als we tegenwoordig Windkracht 9 tegenkomen blazen we niet meer tegen de wind in.
Keukentrap
Op de zaterdagavond van carnaval stond steevast de busrit op het programma. De busrit hield in dat we samen met de Raad van Elf vertrokken naar de Vogelpiek om daar in zaal Scheerders de avond te openen. Vervolgens reden we naar Terhole om daar het dorpshuis aan te doen. De avond werd tenslotte afgesloten in Graauw. Nu was het bezoek aan de Loetzers in Terhole vaak een bijzondere ervaring. We kwamen meestal aan in een vrij leeg dorpshuis. Gelukkig waren wij vaak met een groot gezelschap op pad zodat het zaaltje meteen gevuld werd. Wij speelden onze nummers, staande op stoelen die langs de muur waren opgesteld. Daarna dronken we nog een biertje, maakten nog een praatje alvorens we richting Graauw zouden vertrekken. Tegen de tijd dat de reis naar Graauw moest worden aangevangen had menigeen inmiddels aardige honger gekregen. Geen nood, de instrumenten werden altijd veilig weggelegd in de keuken waar de Loetzers hun broodjes bewaarden. Zodoende verdween er bij het weggaan wel eens een zak broodjes in de bas van Marc Broekaert. Na jaren van broodjesverduistering kwam er een zaterdag waarop er geen broodjes te vinden waren. In opperste verbazing werd toen besloten om de keukentrap maar mee te nemen. De trap werd mee naar buiten gesmokkeld en voor de ingang van de bus gezet. Iedereen die in de bus wilde stappen moest eerst over keukentrap. Niet handig, maar je moet toch wat. Als je al een hele carnavalsdag op stap bent wordt alles leuk. De keukentrap is overigens keurig teruggebracht.
Maandag
Een bijzondere dag op de kalender van de boerenkapel is de carnavalsmaandag. In de jaren tachtig is de traditie ontstaan om ’s morgens een gekostumeerde voetbalwedstrijd te houden. Na de wedstrijd was er steevast erwtensoep bij Louis in café Lamsoren. ’s Middags waren we als begeleiding van de Raad van Elf aanwezig in de Luifel bij het songfestival. Na afloop van het songfestival was er nog een pintje in De Luifel en daarna was het etenstijd. In de vooravond gingen we eten bij iemand thuis. Dat kon bij een boerenkapellid zijn of bij iemand van de carnavalsvereniging. We waren niet kieskeurig. Zo aten we elk jaar op een ander adres. Dit waren de rustmomenten in de enerverende carnavalsdagen. ’s Avonds moest er namelijk weer worden aangetreden in de Luifel. En op dinsdag wachtten de Kloorianen.
Buffalo
Bij elke grote voetbalwedstrijd wordt het publiek opgezweept door muziek. En wat is er dan leuker dan een orkestje dat live muziek over het stadion uitstrooit. Die eer is ons ook een aantal keren te beurt gevallen. Zelden hebben we zo’n groot publiek gehad als in het stadion van AA Gent. Eén van de muzikanten had contacten met de supportersvereniging van de ‘ Buffalo’s ‘, zoals AA Gent door de aanhang wordt genoemd. De eerste keer reden we op een zaterdagavond met een bus naar Gent en pikten onderweg nog wat supporters op. We waren een beetje gespannen en tegelijkertijd ontzettend nieuwsgierig. Hoe groot is dat stadion precies? Zal het druk zijn? Zal het lukken om een beetje sfeer te brengen? Eenmaal op de tribune waren we toch wel onder indruk van de omvang van het stadion. En het was behoorlijk druk. We moesten alle zeilen bijzetten om het stadion ‘te vullen’. En als je als klein kapelletje een hele wedstrijd moet begeleiden is 90 minuten best lang. Toch hebben we het gered. Er werd volop meegezongen en achteraf was iedereen tevreden. Toen konden we aan de pintjes.
Vroege vogels
Een goed gebruik in Lamswaarde is het brengen van een serenade bij bijzondere gelegenheden. Of het nu gaat om een huwelijk, een ontvangen lintje of een jubileum, muziek hoort erbij. Aan die traditie heeft de boerenkapel ook altijd zijn steentje bijgedragen. Een mooi voorbeeld was de dag waarop drummer Theo van Driessche Abraham zag. Deze feestelijke dag kon niet voorbijgaan zonder een muzikaal eerbetoon door de boerenkapel. Om er zeker van te zijn dat Theo thuis zou zijn op het moment van de serenade werd een mooi tijdstip gekozen. Zaterdagmorgen om half zeven stond de boerenkapel bij Theo en Marja voor de deur. Er werden een aantal fijne nummers ten beste gegeven en de hele Jac. de Waalstraat kon meegenieten. De jarige was gelukkig zelf ook al vroeg uit de veren en de boerenkapel kon meteen plaatsnemen op het terras aan de achterkant van het huis. De koffie en de broodjes smaakten heerlijk. Het was bijna middag toen de laatste muzikanten huiswaarts keerden. Zo had je nog wat aan je zaterdag.
Heen en weer
Marc Broekaart was als dienstplichtig militair onder de wapenen geweest. Zijn tijd zat er op en op de dag van afzwaaien zou hij worden binnengehaald in Kruiningen. We zouden eerst vanuit Perkpolder met de boot overgaan. Marc zou worden opgewacht in Kruiningen en met z’n allen zouden we de boot weer terug nemen. Het was vrijdagmiddag en de boerenkapel was verzameld op de veerboot. De stemming zat er goed in. Bij aankomst in Kruiningen was het dan ook een beetje een domper dat soldaat Broekaart nog niet stond te wachten. De boerenkapel was op de boot blijven zitten omdat Marc daar te kunnen verrassen. Op het moment van de afvaart in Kruiningen was Marc nog niet gesignaleerd. Destijds was er nog geen sprake van gsm’s dus even een belletje ging ook niet. De boot keerde terug naar Perkpolder mét boerenkapel maar zónder Marc. Uiteindelijk was er nog een overtocht nodig om Marcs thuiskomst feestelijk en muzikaal te kunnen omlijsten. Gezellig was het allemaal wel al had het bedienend personeel op de boot daar wellicht een andere mening over.